Gelderland

Aalten: voldoet WEL

Aalten verstrekt maatwerkvoorzieningen voor hulp bij het huishouden en dat wordt geïndiceerd in uren. De gemeente hanteert een eigen protocol bij het bepalen van de omvang van de hulp: Protocol Huishoudelijke Hulp Aalten: 

“Voor het bepalen van het aantal uren/minuten huishoudelijke hulp wordt gebruik gemaakt van het protocol Huishoudelijke hulp Aalten. Zo wordt bij het bepalen van de omvang van het aantal uren HH uitgegaan van een woning op het niveau sociale woningbouw.”

Het protocol is toegevoegd aan de beleidsregels en daaruit blijkt dat de normtijden overeenkomen met het CIZ-protocol.

Conclusie Aalten: het beleid is conform de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

Apeldoorn: voldoet NIET

In principe verwacht de gemeente Apeldoorn dat hulpbehoevenden zelf de hulp bij het huishouden regelen en betalen. HH2 wordt wel middels maatwerkvoorzieningen verstrekt. Te verwachten is dat dat inhoudt dat inwoners het huishouden zelf organiseren en betalen (voorheen HH1). Daarnaast kunnen inwoners gebruik maken van algemene voorzieningen. Dit geldt voor de huishoudelijke verzorging en de verzorging van de was. Voor de wasverzorging is een algemene voorziening in het leven geroepen, namelijk het tegen een gereduceerd tarief gebruik maken van de wasservice van Omnizorg. 

Als het niet financieel mogelijk is om zelf hulp in te schakelen en de wasvoorziening te betalen, dan kan een cliënt eventueel aanspraak maken op een tegemoetkoming in de kosten voor 8 uur hulp per week. De eigen bijdrage hiervoor bedraagt €20,00 per vier weken, als sprake is van een laag inkomen. Anderen betalen €68,00 per vier weken voor deze vorm van hulp. Als meer hulp nodig is dan 2 uur per week, betaalt de cliënt de marktconforme prijs van ongeveer €20,00. 

Afgevraagd kan worden of de kortingsregeling een algemene voorziening is conform de uitspraak van de CRvB. Daarnaast is het evident dat te weinig maatwerk wordt geleverd en dat aan inkomenspolitiek wordt gedaan, door enerzijds hh1 buiten de Wmo 2015 te laten en anderzijds vergoedingen aan te bieden op grond van het inkomen en vermogen. Het maximaliseren van de vergoeding van de hulp tot 2 uur per week is onaanvaardbaar, zeker omdat gelet op het CIZ-protocol de omvang van de hulp vaak hoger dan 2 uur per week dient te zijn. 

Conclusie Apeldoorn: de zogenaamde algemene voorziening, namelijk de particuliere markt, is niet te kwalificeren als een algemene voorziening dan wel zal deze vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt en de beperkte omvang van de algemene voorziening. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af. Huishoudelijke verzorging wel of niet volledig vergoeden op grond van het inkomen en vermogen is het hanteren van een ongeoorloofde inkomenstoets.

Kies een andere gemeente>>

Arnhem: onbekend

Arnhem heeft aangegeven geen wezenlijke veranderingen te hebben aangebracht in het beleid betreffende de huishoudelijke verzorging. De verordening bevestigd dat hh1 en hh2 via maatwerkvoorzieningen worden verstrekt.  Niet is duidelijk of en welk protocol wordt gehanteerd. Deze is derhalve bij de gemeente opgevraagd. De gemeente heeft echter niet gereageerd. 

Conclusie Arnhem: er is onvoldoende informatie om een definitief oordeel te geven over het beleid van deze gemeente.

Kies een andere gemeente>>

Barneveld: voldoet NIET

Hoewel de gemeente meent een algemene voorziening te hebben, is het feitelijk doorverwijzen naar de particuliere markt met eventuele korting. De cliënt moet rechtstreeks aan de zorgaanbieder betalen. De gekozen constructie is dan ook geen algemene voorziening. Daarnaast doet de gemeente aan inkomenspolitiek, door eventuele vergoeding van de hulp (deels) te koppelen aan het inkomen en vermogen van een cliënt. 

Conclusie Barneveld: de zogenaamde algemene voorziening, namelijk de particuliere markt, is niet te kwalificeren als een algemene voorziening dan wel zal deze vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af. Huishoudelijke verzorging wel of niet volledig vergoeden op grond van het inkomen en vermogen is het hanteren van een ongeoorloofde inkomenstoets.

Kies een andere gemeente>>

Berg en Dal: voldoet WEL

Deze gemeente indiceert nog steeds in uren en verstrekt maatwerkvoorzieningen voor zowel hh1 als hh2. De beleidsregels bevestigen dit.  Hoe de omvang van de hulp tot stand komt is echter niet bekend. Om die reden is het indicatieprotocol bij de gemeente opgevraagd. De gemeente heeft geantwoord en het blijkt dat de gehanteerde normtijden grotendeels overeenkomen met het CIZ-protocol. Als het protocol wordt gehanteerd en voldoende aandacht wordt besteed aan eventuele meertijden (meerpersoonshuishouden bij het lichte werk in het bijzonder), dan is het beleid aanvaardbaar. 

Conclusie Berg en Dal: het beleid is conform de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

Berkelland: onbekend

Het oude beleid van deze gemeente (afschaffen hh1) is in strijd met de Wmo 2015. Eind 2015 is gekozen om toch een andere koers te varen: hh1 valt weer binnen de Wmo 2015, maar wordt een onderdeel van het zogenaamde ‘ondersteuning thuis’.  Ondersteuning thuis (nog in pilot fase) is een vorm van hulp, waarbij meerdere hulpvragen gecombineerd worden (bijvoorbeeld huishoudelijke verzorging en ‘lichte’ persoonlijke verzorging). De manier hoe ondersteuning thuis word geïndiceerd roept vragen op. Er wordt namelijk niet gewerkt met uren en afgevraagd kan worden of de toegekende voorziening voldoende daarmee voldoende concreet is. Een cliënt krijgt vooralsnog de keuze om een indicatie in uren te ontvangen of een indicatie middels de pilot ondersteuning thuis. Vanwege de onduidelijkheid en het vroege stadium van de nieuwe werkwijze is het lastig om deze gemeente te beoordelen. 

Conclusie Berkelland: het indiceren in uren is conform de Wmo 2015, maar het indiceren op basis van resultaten in de pilot ondersteuning thuis roept vraagtekens op. Het is te vroeg om te concluderen of het beleid wel of niet stand kan houden, onder meer vanwege de onduidelijkheid over de pilot ondersteuning thuis.

Kies een andere gemeente>>

Beuningen: voldoet NIET

De gemeente Beuningen meent een algemene voorziening te hebben gerealiseerd inzake de huishoudelijke verzorging. Hh1 wordt via de algemene voorziening geregeld en hh2 via maatwerkvoorzieningen, waarbij een protocol geldt met verlaagde normtijden.  De algemene voorziening is in omvang beperkt tot 125 uur per jaar. Als meer  hulp nodig is, moet de cliënt het zelf betalen:

Op deze wijze wordt volstrekt onvoldoende maatwerk geleverd, hetgeen het uitgangspunt is van de Wmo 2015. Tevens zal deze voorziening hoogstwaarschijnlijk niet gekwalificeerd kunnen worden als een algemene voorziening, waardoor het college maatwerkvoorzieningen dient te verstrekken ex artikel 2.3.5 lid 3 jo. 2.3.1 Wmo 2015.

Conclusie Beuningen: de zogenaamde algemene voorziening, namelijk de particuliere markt, is niet te kwalificeren als een algemene voorziening dan wel zal deze vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt en de beperkte omvang van de algemene voorziening. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af. Huishoudelijke verzorging wel of niet volledig vergoeden op grond van het inkomen en vermogen is het hanteren van een ongeoorloofde inkomenstoets.

Kies een andere gemeente>>

Bronckhorst: voldoet NIET

De gemeente doet aan resultaatgericht indiceren en heeft inmiddels meerdere rechtszaken verloren.  Sindsdien is het beleid ongewijzigd. 

Conclusie Bronckhorst: resultaatgericht indiceren is volgens de rechtbank Gelderland niet toegestaan. De Centrale Raad van Beroep heeft geoordeeld dat het resultaatgericht indiceren zoals de gemeente Rotterdam dat deed, niet is toegestaan. Het beleid van deze gemeente is gelet op deze uitspraken niet toegestaan.

Kies een andere gemeente>>

Brummen: voldoet NIET

De gemeente  Brummen indiceert in uren en verstrekt maatwerkvoorzieningen.  De normtijden zijn als bijlage toegevoegd aan de beleidsregels en daaruit blijkt dat de normtijden voor het zware werk afwijken van het CIZ-protocol. De verlaagde normtijden zien vooral eenpersoonshuishoudens in een grote woning en meerpersoonshuishoudens. Bij een eenpersoonshuishouden in een grote woning wordt bijvoorbeeld maximaal 2 uur geïndiceerd, terwijl volgens het CIZ-protocol 3 uur nodig is. Gelet op dit grote verschil en in mindere mate de kleine verschillen bij andere normtijden voor het zware werk alsmede het feit dat niet inzichtelijk is gemaakt waar de verlaagde normtijden op zijn gebaseerd, stelt de onderzoeker vast dat de (verlaagde) normtijden voor de zware huishoudelijke taken onvoldoende zijn. 

Conclusie Brummen: het beleid is grotendeels conform de Wmo 2015, maar de verlaagde normtijden bij het zware werk zijn niet gemotiveerd en door onafhankelijk onderzoek tot stand gekomen.

Kies een andere gemeente>>

Buren, Culemborg, Geldermalsen, Lingewaal, Maasdriel, Neder-Betuwe, Neerijnen, Tiel, West Maas en Waal en Zaltbommel: voldoen NIET

Er wordt gewerkt met resultaten en niet in uren. De zorgaanbieder kort op de omvang van de hulp en de cliënt kan vervolgens middels de vouchers/HHT-gelden de verloren uren terugkopen. Inmiddels heeft de gemeente Tiel een rechtszaak verloren.  De gemeenten zijn bezig om het beleid te wijzigen. 

Conclusie Buren, Culemborg, Geldermalsen, Lingewaal, Maasdriel, Neder-Betuwe, Neerijnen, Tiel, West Maas en Waal en Zaltbommel: resultaatgericht indiceren is volgens de rechtbank Gelderland niet toegestaan. De Centrale Raad van Beroep heeft geoordeeld dat het resultaatgericht indiceren zoals de gemeente Rotterdam deed, niet is toegestaan. Het beleid van deze gemeenten is gelet op deze uitspraken niet toegestaan.

Kies een andere gemeente>>

Doesburg: voldoet NIET

Deze gemeente was in 2015 voornemens om een algemene voorziening te realiseren, maar gekozen werd om dit idee toch te laten varen. De haalbaarheid van een algemene voorziening werd namelijk betwist. De gemeente verstrekt maatwerkvoorzieningen en indiceert in uren. Echter, mensen zijn op de omvang van de indicatie gekort, zonder deugdelijke grondslag. De bezwaarmakers kregen vervolgens, na een nieuw onderzoek uitgevoerd door de MO-zaak (in opdracht van het college), het oude urenaantal terug. Het oude urenaantal komt overeen met het protocol van de MO-zaak en het CIZ-protocol. Het korten op de omvang van de hulp en het hanteren van verlaagde normtijden zonder gegronde reden is gelet op de uitspraken van de CRvB niet toegestaan.

Conclusie Doesburg: er wordt onvoldoende maatwerk geleverd, doordat de cliënten op grote schaal zijn gekort op de omvang van de hulp. Alleen voor bezwaarmakers wordt gebruik gemaakt van het MO-protocol, hetgeen rechtsongelijkheid oplevert. 

Kies een andere gemeente>>

Doetinchem: voldoet NIET

De website van de gemeente geeft aan dat het niet langer gaat om het aantal uur hulp, maar om de te behalen resultaten. Verder zijn begeleiding en huishoudelijke verzorging samengevoegd en heet dit ondersteuning thuis. Citaat: 

“In het verleden kreeg u bijvoorbeeld een bepaald aantal uren huishoudelijke hulp. Vanaf 2015 verandert dit. Het gaat dan niet meer om ‘aantallen uren’. Maar om het ‘resultaat’ dat bij u bereikt moet worden. Dit werkt als volgt: in uw zorgplan (ook wel gezinsplan genoemd) worden de doelen en resultaten vastgelegd. Samen met uw buurtcoach stelt u dit zorgplan op. Aan de hand van de door u en uw buurtcoach opgestelde resultaten verleent de zorgaanbieder zorg aan u. Dit betekent dat de gemeente vanaf 1 januari 2015 resultaatgericht inkoopt bij zorgaanbieders. Het is de bedoeling dat de resultaten echt worden behaald. Dus dat uw problemen echt worden opgelost. Regelmatig evalueert u met uw buurtcoach de vorderingen. Waar nodig, wordt uw zorg bijgestuurd.”

In de beschikkingen wordt een urenaantal is genoemd. Dit strookt niet met de hierboven geschetste werkwijze. Om duidelijkheid te krijgen is contact opgenomen met de gemeente. De gemeente heeft schriftelijk gereageerd met de volgende antwoorden:

Vraag 1: Is hh1 c.q. hh2 afgeschaft of wordt het nog vergoed volgens de Wmo 2015? De termen hh1 en hh2 zijn met de komst van de Wmo 2015 komen te vervallen in de gemeente Doetinchem. Sindsdien is hulp bij het huishouden onderdeel van onze dienst ‘Ondersteuning thuis’. Zowel het uitvoeren van de huishoudelijke taken als het ondersteunen bij het aanbrengen van structuur binnen het huishouden behoren tot de mogelijkheden. Hulp bij het huishouden is hiermee als maatwerkvoorziening onderdeel van ons Wmo-beleid.
Vraag 2: Wordt er gewerkt met uren of wordt er gewerkt met resultaten (c.q. een schoon en leefbaar huis)? 
Wij indiceren in uren.
Vraag 3: Wordt hulp verstrekt via een maatwerkvoorziening of via een algemene voorziening?
Op dit moment wordt hulp bij het huishouden verstrekt als maatwerkvoorziening,
Vraag 4: Op welke wijze is de cliënt een eigen bijdrage verschuldigd? 
De eigen bijdragen voor maatwerkvoorzieningen worden vastgesteld en geïnd door het CAK.
Vraag 5: Hoe wordt de omvang van de hulp vastgesteld? (bijv. CIZ protocol, bepaling door zorgaanbieder aan de hand van een ondersteuningsplan, etc.) 
Bij het vaststellen van de benodigde omvang van de hulp onderzoeken we de ondersteuningsbehoefte van de cliënt. We bekijken hierbij wat er nodig is om te komen tot voldoende zelfredzaamheid en participatie. Hierbij kijken we ook samen met de cliënt naar wat hij of zij zelf kan met behulp van eigen kracht of andere mogelijkheden (zoals hulp uit het sociale netwerk). 
Uit het onderzoek kan blijken dat een maatwerkvoorziening op het gebied van hulp bij het huishouden benodigd is. Vervolgens beoordelen we hoeveel hulp er door middel van de maatwerkvoorziening moet worden geboden om te komen tot een schoon en leefbaar huis. Hierbij maken we gebruik van normtijden, zoals gemiddeld twee uur per week voor de zware huishoudelijke taken. De persoonlijke situatie van de cliënt is echter leidend. We beoordelen aan de hand van de persoonlijke situatie of en in hoeverre afgeweken dient te worden van de normtijd.
Momenteel onderzoeken we hoe we ons beleid gaan herzien naar aanleiding van de uitspraken van de Centrale Raad van Beroep inzake hulp bij het huishouden.
Vraag 6: Is de wasverzorging een onderdeel van de maatwerkvoorziening?
Wasverzorging wordt aangeboden als algemene voorziening. Voor cliënten die hier om de een of andere reden geen gebruik van kunnen maken, is wasverzorging als maatwerkvoorziening beschikbaar. 
Vraag 7: Wordt een eventueel urenaantal opgenomen in de beschikking?
Ja.

De gemeente indiceert in uren en noemt het urenaantal in de beschikking. Dat is zeer wenselijk en naar mening van de onderzoeker ook noodzakelijk. Echter, een algemene norm van 2 uur per week (vergelijkbaar met het beleid van de gemeente Utrecht, welke door de CRvB werd afgekeurd) is niet toelaatbaar. De gemeente lijkt dit ook te beseffen, gelet op de opmerking dat wordt gekeken hoe het beleid wordt herzien.

Ook kunnen er problemen optreden met betrekking tot de algemene voorziening voor de wasverzorging. Deze algemene voorziening moet voldoen aan de eisen die worden gesteld in de uitspraak van de CRvB tegen de gemeente Aa en Hunze én het college moet onderzoeken of de algemene voorziening passend is gelet op alle feiten en omstandigheden van de cliënt. De wasverzorging bij voorbaat uitsluiten van de maatwerkvoorziening is niet toelaatbaar. Pas wanneer blijkt dat de algemene voorziening passend is, hoeft de verzorging van de was geen onderdeel te zijn van de maatwerkvoorziening. Uit ervaring van Jurist Wever is bekend dat dit onderzoek niet of nauwelijks plaatsvindt. 

Conclusie Doetinchem: door slechts generiek en gemiddeld 2 uur hulp aan te bieden, wordt te weinig maatwerk geleverd en afgeweken van het CIZ-protocol. De gemeente moet per cliënt beoordelen hoeveel hulp noodzakelijk is aan de hand van objectieve maatstaven, zoals het CIZ-protocol. De verzorging van de was verstrekken via een algemene voorziening is in beginsel mogelijk, maar het college moet onderzoeken of de algemene voorziening (o.a. financieel) passend is. 

Kies een andere gemeente>>

Druten: voldoet WEL

De gemeente Druten geeft maatwerkvoorzieningen af, waarbij gebruik wordt gemaakt van een door de gemeente vastgesteld protocol. Verdere concrete informatie over het beleid is niet te vinden en dus ook het protocol niet. Daarom is het protocol opgevraagd bij de gemeente. Het college heeft in een uitgebreide mail uiteengezet dat altijd maatwerk wordt geleverd, maar dat het indicatieprotocol van het CIZ leidend is. 

Conclusie Druten: het beleid is conform de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

Duiven: voldoet NIET

De gemeente Duiven is van mening dat huishoudelijke verzorging in zijn algemeenheid een algemeen gebruikelijke voorziening is. Pas na een strenge financiële toets aan de hand van de normen van de Participatiewet (inclusief het overleggen van financiële gegevens en bewijsstukken hiervan) wordt voor de minima alsnog een maatwerkvoorziening voor huishoudelijke hulp afgegeven. De gemeente voert op deze manier een onaanvaardbare inkomens- en vermogenstoets uit in het kader van de Wmo 2015 en hiermee wordt het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 doorkruist. 

Conclusie Duiven: het in zijn algemeenheid algemeen gebruikelijk verklaren van de huishoudelijke verzorging is ontoelaatbaar. Enkel maatwerkvoorzieningen aanbieden na een strenge financiële toets is in strijd met de Wmo 2015, omdat voorzieningen worden afgewezen op grond van het inkomen. Dit is gelet op vaste jurisprudentie niet toegestaan.

Kies een andere gemeente>>

Ede: voldoet NIET

Vanwege de bezuinigingen op het sociaal domein heeft de gemeente Ede ervoor gekozen om te snijden in de omvang van de indicaties, zowel qua urenomvang als qua de hoeveelheid weken per jaar dat ondersteuning wordt geboden. Laatstgenoemde is inmiddels van tafel: iedere week per jaar wordt weer ondersteuning aangeboden in plaats van 46 weken per jaar. Het zonder gegronde reden korten op de omvang van de indicaties is niet toegestaan. Het college moet op grond van het CIZ-protocol of een ander protocol dat voldoet aan de eisen van de CRvB indiceren. Niet is inzichtelijk gemaakt waar de lagere normtijden op zijn gebaseerd. Er zijn geen aanknopingspunten, ook vanwege ervaring van Jurist Wevers met de gemeente Ede, om aan te nemen dat de verlaagde normtijden stand zullen houden bij de rechter. 

Conclusie Ede: er wordt onvoldoende maatwerk geleverd, doordat de cliënten op grote schaal zijn gekort op de omvang van de hulp. De verlaagde normtijden zullen waarschijnlijk niet standhouden. Alleen als blijkt dat de nieuwe normtijden tot stand zijn gekomen na goed, objectief onderzoek, uitgevoerd door derden die geen belang hebben bij de uitkomst van het onderzoek hebben, zal het protocol wellicht standhouden. Dit is vooralsnog een onwaarschijnlijke aanname.

Kies een andere gemeente>>

Elburg, Nunspeet en Oldebroek: voldoen NIET

De gemeenten Elburg, Nunspeet en Oldebroek waren voornemens om huishoudelijke verzorging (deels) via een algemene voorziening te regelen per 1 mei 2016. Gelet op de berichtgeving vermoedt de onderzoeker dat nog geen algemene voorziening is gerealiseerd. De onderzoeker gaat dan ook uit van het verlenen van maatwerkvoorzieningen in deze gemeenten. De gehanteerde protocollen van de gemeenten Elburg , Nunspeet  en Oldebroek wijken af van het CIZ-protocol. Opvallend is dat deze gemeenten de omvang van de hulp via een maatwerkvoorziening maximaliseren op 3 uur per week. Dit strookt niet met de gedachte van het leveren van maatwerk. De verlaagde normtijden zijn in ieder geval niet nader toegelicht, waardoor het aannemelijk is dat de CRvB de nieuwe normtijden zullen afkeuren. 

Conclusie Elburg, Nunspeet en Oldebroek: door maximaal 2,5 á 3 uur hulp aan te bieden, wordt te weinig maatwerk geleverd en tevens wordt afgeweken van het CIZ-protocol.

Kies een andere gemeente>>

Epe: voldoet NIET

In principe heeft de gemeente Epe weinig veranderd sinds de ingang van de Wmo 2015, behalve dat niet langer tijd wordt geïndiceerd voor het verzorgen van de was. Dit moet middels een algemene voorziening geregeld worden. Wat deze algemene voorziening concreet inhoudt, is helaas niet te vinden. Een van de aanbieders van deze algemene voorziening schept deels duidelijkheid: een cliënt moet €2,25 per kilo was betalen met een maximum van €40,00 per maand.  Dit komt bovenop de kosten voor het CAK, want naast de kosten voor de was- en strijkvoorziening moet ook een inkomensafhankelijke bijdrage worden betaald voor de overige huishoudelijke taken waarvoor wel een maatwerkvoorziening is afgegeven. 

Het ziet er naar uit dat de wasvoorziening geen algemene voorziening is conform de uitspraak van de CRvB. De handelswijze van de gemeente lijkt te duiden op het algemeen gebruikelijk achten van de verzorging van de was. Dit kan in zijn algemeenheid niet worden aangenomen, daar altijd een individuele toets moet plaatsvinden naar het wel of niet algemeen gebruikelijk zijn van een voorziening. Ook als de was- en strijkservice daadwerkelijk te kwalificeren is als een algemene voorziening, dient rekening gehouden te worden met alle feiten en omstandigheden van de cliënt, waaronder de financiële haalbaarheid van de voorziening en eventuele cumulatie van kosten. In zijn algemeenheid de verzorging van de was uit de maatwerkvoorziening knippen is niet aanvaardbaar. 

Conclusie Epe: de verzorging van de was categoraal niet langer deel laten uitmaken van een maatwerkvoorziening is in strijd met de verplichting om maatwerk te leveren. De algemene voorziening is geen algemene voorziening in de zin van de Wmo 2015, gelet op de uitspraak van de CRvB. Met name bij lagere inkomens zal snel geconcludeerd kunnen worden dat de wasvoorziening te duur is (en dus niet algemeen gebruikelijk dan wel niet passend als algemene voorziening).

Kies een andere gemeente>>

Ermelo en Harderwijk: voldoen WEL

Aangezien Ermelo en Harderwijk samenwerken met Zeewolde, wordt de conclusie inzake Zeewolde ook van toepassing verklaard op de gemeenten Ermelo en Harderwijk. De volgende informatie is eerder uiteengezet bij de gemeente Zeewolde.

“Voor meer informatie over het beleid is contact gezocht met de gemeente en zij zei het volgende. Omdat wordt samengewerkt met Harderwijk (maar ook Ermelo) en werd doorverwezen naar deze gemeente, heeft een medewerker van de gemeente Harderwijk de vragen beantwoord:

Vraag 1: Is hh1 c.q. hh2 afgeschaft of wordt het nog vergoed volgens de Wmo 2015? Beide maatwerkvoorzieningen worden vergoed volgens de Wmo 2015.
Vraag 2: Wordt er gewerkt met uren of wordt er gewerkt met resultaten (c.q. een schoon en leefbaar huis)? 
Op basis van de hulpvraag in combinatie met de zelfredzaamheid en het sociale netwerk worden er doelen opgesteld. Indien nodig, wordt per cliënt een X-aantal uren geïndiceerd.  
Vraag 3: Wordt hulp verstrekt via een maatwerkvoorziening of via een algemene voorziening?
De hulp wordt verstrekt via een maatwerkvoorziening.
Vraag 4: Op welke wijze is de cliënt een eigen bijdrage verschuldigd? 
De geleverde uren worden door zorgaanbieders doorgegeven aan het CAK, die op haar beurt de eigen bijdrage int bij cliënten.
Vraag 5: Hoe wordt de omvang van de hulp vastgesteld? (bijv. CIZ protocol, bepaling door zorgaanbieder aan de hand van een ondersteuningsplan, etc.) 
Dit wordt door klantmanagers van de gemeente bepaald. Voor de bepaling van de omvang huishoudelijke hulp wordt vaak gebruik gemaakt van hoofdstuk 6 van het document 'Richtlijn indicatieadvisering Hulp bij het Huishouden'. Voor het bepalen van de begeleidingsomvang, richten we ons op het ondersteuningsplan en casuïstiekbespreken.

Het protocol waarnaar wordt verwezen is het MO-protocol, welke overeenkomt met het protocol van de MO-zaak.”

Conclusie Ermelo en Harderwijk: het beleid is in overstemming met de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

Hattem: voldoet NIET

De gemeente Hattem geeft op haar website aan dat een algemene voorziening is gerealiseerd, waar cliënten voor €5,00 per uur huishoudelijke hulp kunnen inkopen: 

“Als u moeite heeft met het voeren van uw huishouden, kunt u rechtstreeks contact opnemen met Driezorg Hof van Blom of Hanzeheerd De Bongerd. Zij bekijken samen met u wat uw eigen mogelijkheden zijn en wat uw omgeving voor u kan betekenen. Als dit niet voldoende is, krijgt u ondersteuning in de vorm van hulp bij het huishouden.
Uw bijdrage voor de Algemene voorziening is vastgesteld op 5 euro per uur. Dit bedrag wordt in rekening gebracht door Driezorg Hof van Blom of Hanzeheerd De Bongerd. Als u een inkomen heeft tot 120% van de bijstandsnorm en geen of weinig eigen vermogen, kunt u deze kosten terug krijgen via de bijzondere bijstand. U kunt dit aanvragen bij het Loket Werk, Inkomen, Zorg en Welzijn van de gemeente Hattem.“

De minima worden aldus gecompenseerd via de bijzondere bijstand. De vergoeding voor huishoudelijke verzorging wordt aldus voor een groot deel gekoppeld aan het inkomen en vermogen van de cliënt, hetgeen onaanvaardbare inkomenspolitiek in het kader van de Wmo 2015 oplevert. De eigen bijdragen van de cliënten zijn niet in de verordening opgenomen en moeten direct aan de zorgaanbieder worden betaald. De algemene voorziening lijkt dan ook geen algemene voorziening te zijn die voldoet aan de eisen die de CRvB daaraan stelt. 

Conclusie Hattem: de zogenaamde algemene voorziening, namelijk de particuliere markt, is niet te kwalificeren als een algemene voorziening dan wel zal deze vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af. Huishoudelijke verzorging wel of niet volledig vergoeden op grond van het inkomen en vermogen is het hanteren van een ongeoorloofde inkomenstoets.

Kies een andere gemeente>>

Heerde: voldoet NIET

Deze gemeente hanteert een algemene voorziening en is van mening dat deze voldoet aan de uitspraken van de Centrale Raad van Beroep.Citaat:

“De hoogste rechtbank heeft op 18 mei een uitspraak gedaan over huishoudelijke hulp. We krijgen hierover vragen in de gemeente. In dit stuk wordt u geïnformeerd over de situatie in de gemeente Heerde. De gemeente werkt al in de lijn van de uitspraken van de rechtbank. Alle bestaande klanten, die in 2014 hulp bij het huishouden hadden, zijn onderzocht en hebben een nieuwe beschikking gekregen. Veel van deze klanten maken sinds 2015 met tevredenheid gebruik van de algemene voorziening schoon en leefbaar huis. De algemene voorziening is toegankelijk voor iedereen die beperkingen heeft in het voeren van zijn huishouden.
In deze algemene voorziening staat het resultaat centraal, namelijk een schoon en leefbaar huis. Het aantal uren inzet hangt af van het resultaat en wat hiervoor nodig is. Dit kan bij iedereen anders zijn.Als iemand gebruik maakt van deze algemene voorziening en het resultaat “een schoon en leefbaar huis” wordt niet gehaald, dan kunt u dit melden bij de aanbieder die de algemene voorziening uitvoert. Zij zullen samen met u kijken hoe het komt dat het resultaat niet is behaald. Als het nodig is ondernemen zij actie om het resultaat wel te halen. Als blijkt dat de algemene voorziening niet voldoende is, dan kan er in gesprek met de gemeente gekeken worden naar een aanvullende maatwerkvoorziening.“

De gemeente meent dus dat het beleid conform de Wmo 2015 is. Per uur moet een cliënt €5,30 betalen. Niet het aantal uur is leidend, maar het resultaat. Resultaatgericht indiceren in het kader van een algemene voorziening is opmerkelijk, daar het bij een algemene voorziening gaat om het verstrekken van een voorziening zonder al te veel gedoe. Als een cliënt met de zorgaanbieder de hulpomvang moet bepalen, kan afgevraagd worden of deze werkwijze past binnen een algemene voorziening. Daarnaast rust de verantwoordelijkheid voor het verkrijgen van voldoende ondersteuning bij het college, dus het college moet vaststellen dat de algemene voorziening passend is. In de praktijk ontvangen rond de 450 mensen hulp via de algemene voorziening en slechts rond de 5 een maatwerkvoorziening. Gelet op de kosten van de algemene voorziening is deze constructie niet toelaatbaar. Cliënten met een grote hulpbehoefte zullen namelijk aanzienlijk duurder uitzien ten opzichte van de regeling die is opgenomen in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Te denken valt aan iemand met een hulpbehoefte van 5 uur per week op het sociaal minimum. Hij of zij dient dan €106,00 per vier weken te betalen in plaats van een eigen bijdrage rond de €20,00 die hij of zij verschuldigd zou zijn aan het CAK. Niet is bekend hoe de algemene voorziening is geregeld; wel is bekend dat de eigen bijdrage niet is opgenomen in de verordening. Ook een korting op de algemene voorziening moet in de verordening zijn opgenomen: delegatie is niet toegestaan. De algemene voorziening is niet conform het recht. 

Conclusie Heerde: de zogenaamde algemene voorziening zal vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af.

Kies een andere gemeente>>

Heumen: voldoet NIET

De gemeente Heumen hanteert een algemene voorziening voor hh1; hh2 wordt middels een maatwerkvoorziening toegekend. Via de algemene voorziening is maximaal 125 uur per jaar aan hulp te ontvangen, hetgeen een ontoelaatbare restrictie oplevert in de omvang van de hulp. Immers, het is goed denkbaar dat in situaties meer hulp nodig is dan 125 uur per jaar (zeker als het CIZ-protocol in ogenschouw wordt genomen). De eigen bijdrage voor de algemene voorziening is afhankelijk van het inkomen en vermogen: des te lager het inkomen, des te hoger de korting:

Deze systematiek levert ongetwijfeld problemen op, omdat 130% van de bijstandsnorm nog altijd een laag inkomen betreft. Dit betekent dat een grote groep al snel €12,50 per uur moet bijdragen, hetgeen betekent dat de algemene voorziening financieel niet passend is. 

Conclusie  Heumen: de zogenaamde algemene voorziening, namelijk de particuliere markt, is niet te kwalificeren als een algemene voorziening dan wel zal deze vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt en de beperkte omvang van de algemene voorziening. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af. Huishoudelijke verzorging wel of niet volledig vergoeden op grond van het inkomen en vermogen is het hanteren van een ongeoorloofde inkomenstoets.

Kies een andere gemeente>>

Lingewaard: onbekend

De website geeft geen concrete informatie over hoe huishoudelijke ondersteuning wordt geregeld.  De beleidsstukken geven ook geen duidelijk beeld, al wordt in de verordening hulp bij het huishouden genoemd als voorbeeld van een maatwerkvoorziening. Het vermoeden bestaat dat hh1 en hh2 via maatwerkvoorzieningen worden verstrekt. Ter verificatie is contact opgenomen met de gemeente. De gemeente heeft echter niet gereageerd. 

Conclusie Lingewaard: er is onvoldoende informatie om een definitief oordeel te geven over het beleid van deze gemeente.

Kies een andere gemeente>>

Lochem: voldoet NIET

Jurist Wevers heeft veel ervaring met de gemeente Lochem. Hh1 zou per 1 april 2015 algemeen gebruikelijk zijn voor een ieder, maar vanwege verloren rechtszaken werd de gemeente gedwongen om het beleid aan te passen.  Wat het nieuwe beleid gaat worden, is nog niet geheel duidelijk. Op basis van het oude beleid is verdient deze gemeente een notitie illegaal beleid; over het nieuwe beleid kan onderzoeker nog geen inhoudelijk oordeel geven.

Conclusie Lochem: het oude beleid is in strijd met de Wmo 2015. Het nieuwe beleid is nog te onduidelijk om een concreet oordeel over te geven.

Kies een andere gemeente>>

Montferland: voldoet NIET

Met deze gemeente heeft Jurist Wevers veel ervaring. Eerst had deze gemeente het beleid dat de eerste drie uur voor iedereen algemeen gebruikelijk is en dat zij het zelf dienden te betalen (al dan niet met behulp van een financieel vangnet). Dit beleid is afgekeurd door de rechtbank Gelderland.  Naar aanleiding van deze uitspraken heeft de gemeente het beleid gewijzigd. Het college indiceert nu in resultaten en is onlangs opnieuw teruggefloten door de rechtbank Gelderland bij een mondelinge uitspraak. De gestelde indicaties voor een ‘schoon en leefbaar huis’ zijn niet voldoende concreet.

Conclusie Montferland: resultaatgericht indiceren is volgens de rechtbank Gelderland niet toegestaan. De Centrale Raad van Beroep heeft geoordeeld dat het resultaatgericht indiceren zoals de gemeente Rotterdam deed, niet is toegestaan. Het beleid van deze gemeente is gelet op deze uitspraken niet toegestaan.

Kies een andere gemeente>>

Nijkerk: voldoet NIET

De gemeente biedt hh1 niet langer aan via maatwerkvoorzieningen. Deze vorm van ondersteuning wordt namelijk aangeboden door een algemene voorziening. Citaat:

“Artikel 4a.1 Aantal uren en eigen aandeel 
Met betrekking tot de hulp bij het huishouden die de gemeente op grond van de Verordening maatschappelijke ondersteuning 2015 als algemene voorziening beschikbaar stelt, geldt per cliënt het volgende.
In het kalenderjaar 2016 bestaat de algemene voorziening hulp bij het huishouden uit: 
anderhalf uur hulp per week in de periode van 1 januari tot en met 28 februari; 
twee uur hulp per week in de periode van 29 februari tot en met 31 december 2016. 
De cliënt betaalt voor de hulp, bedoeld in het tweede lid, een eigen aandeel van € 10,-- per uur; deze kosten worden door de aanbieder rechtstreeks bij de cliënt in rekening gebracht.“

Ook is een vangnetregeling van toepassing op hulpbehoevenden met een laag inkomen. Geconstateerd wordt dat de eigen bijdrage voor de algemene voorziening niet via een verordening is geregeld. De kortingen op de eigen bijdragen wel. Verder is het hanteren van een bovengrens voor de omvang van de hulp reden om aan te nemen dat onvoldoende rekening wordt gehouden met de persoonlijke omstandigheden. Indicaties ruimer dan 2 uur hulp per week zijn inmiddels veel voorkomend. 

Conclusie Nijkerk: de zogenaamde algemene voorziening, namelijk de particuliere markt, is niet te kwalificeren als een algemene voorziening dan wel zal deze vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt en de beperkte omvang van de algemene voorziening. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af. Huishoudelijke verzorging wel of niet volledig vergoeden op grond van het inkomen en vermogen is het hanteren van een ongeoorloofde inkomenstoets. De eigen bijdragen voor de algemene voorzieningen zijn niet geregeld in een verordening.

Kies een andere gemeente>>

Nijmegen: voldoet NIET

Het is de intentie van de gemeente Nijmegen geweest om per 1 juni 2016 te werken op basis van resultaten in plaats van uren.  Jurist Wevers heeft geen persbericht gelezen, waaruit blijkt dat dit geen doorgang heeft gevonden. De gemeente hint op de website al op het verlagen van de omvang van de indicaties:

“Ervaringen van andere gemeenten met resultaatgerichte financiering en maatwerk in huishoudelijke hulp, tonen aan dat het aantal uren per cliënt per week gemiddeld lager wordt en dat de klanttevredenheid gelijk blijft.”

Over de klanttevredenheid laat de onderzoeker zich niet uit, wel over de (juridische) haalbaarheid van het beleid. De onderzoeker zien geen aanknopingspunten om te vermoeden dat conform de uitspraken van de CRvB geïndiceerd gaat worden (taak, frequentie, tijdsduur).

Conclusie Nijmegen: resultaatgericht indiceren is volgens de rechtbank Gelderland niet toegestaan. De Centrale Raad van Beroep heeft geoordeeld dat het resultaatgericht indiceren zoals de gemeente Rotterdam deed, niet is toegestaan. Het beleid van deze gemeente is gelet op deze uitspraken niet toegestaan.

Kies een andere gemeente>>

Oost-Gelre: voldoet NIET

Deze gemeente geeft nog steeds maatwerkvoorzieningen af voor huishoudelijke ondersteuning. Dit wordt bevestigd in de beleidsregels.  Nadat een blik is geworpen op de normtijden dient geconcludeerd te worden dat deze tijden aansluiten bij het CIZ-protocol, behalve wanneer het gaat om geïndiceerde tijd voor de wasverzorging. Hiervoor staat 15 tot 30 minuten minder. Zonder nadere motivering en deugdelijk onderzoek naar deze vernieuwde normtijden, kan dit niet in stand blijven. 

Conclusie Oost-Gelre: het beleid is conform de Wmo 2015, behalve met betrekking tot de normtijden voor de wasverzorging. Het gaat om een relatief kleine afwijking.

Kies een andere gemeente>>

Oude IJsselstreek: voldoet WEL

De gemeente Oude IJsselstreek worstelt met het nieuw te vormen beleid. Eerst was het plan om een algemene voorziening te realiseren met een geringe omvang van hulp, maar vanwege het mogelijke verbod op alfahulp via een algemene voorziening heeft dit plan deukjes opgelopen. De aanwezigheid van alfahulp is namelijk groot in deze gemeente, waardoor een verbod op alfahulp via een algemene voorziening hoge kosten met zich zou meebrengen, als de hulp inderdaad via een algemene voorziening geregeld zou gaan worden. Verder is deze gemeente negatief in het nieuws geweest, omdat het adviesbureau dat de keukentafelgesprekken heeft gevoerd impliciet dan wel expliciet de opdracht meekreeg om de omvang van de indicaties naar beneden bij te stellen. Er bestaan bij ons dan ook grote zorgen over de toekomst van het beleid van de huishoudelijke verzorging in deze gemeente. 

Op dit moment wordt echter nog gewerkt met maatwerkvoorzieningen. Niet is bekend hoe de omvang van de hulp wordt bepaald en om die reden wordt het indicatieprotocol bij de gemeente opgevraagd. De gemeente antwoordde als volgt:

“Naar aanleiding van uw email van 4 juli 2016 informeer ik u dat wij als hulpmiddel bij het vaststellen van de indicatie, het CIZ-protocol hanteren. Een indicatie vindt vervolgens plaats op basis van uren. Hierbij voeg ik toe dat een indicatie te allen tijde maatwerk is. In individuele gevallen kan een indicatie daarom afwijken van de standaard normering.”

Zolang het beleid met betrekking tot het indiceren in uren aan de hand van het CIZ-protocol wordt gehanteerd, is het beleid conform de Wmo 2015. 

Conclusie Oude IJsseltreek: het beleid is conform de Wmo 2015, maar de voorgestelde wijziging niet. Zolang deze wijziging niet doorgaat, is het beleid echter juridisch juist.

Kies een andere gemeente>>

Overbetuwe: onbekend

De website van de gemeente is niet geheel duidelijk over het nieuwe beleid. Er wordt geschreven dat bezuinigd moet worden en dat cliënten eventueel minder uren hulp krijgen. De gemeente heeft ook een rechtszaak verloren begin 2015.  Sindsdien is het beleid gewijzigd, maar wat het huidige beleid op dit moment precies is blijft onduidelijk. Om die reden heeft onderzoeker contact opgenomen met de gemeente. De gemeente heeft echter niet gereageerd.

Conclusie Overbetuwe: er is onvoldoende informatie om een definitief oordeel te geven over het beleid van deze gemeente.

Kies een andere gemeente>>

Putten: voldoet WEL

De website van deze gemeente geeft helaas geen informatie over hoe de huishoudelijke verzorging is ingericht. De huishoudelijke verzorging wordt blijkens de beleidsregels nog steeds geregeld middels maatwerkvoorzieningen. De normtijden komen overeen met de normtijden van het CIZ-protocol.  

Conclusie Putten: het beleid is conform de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

Renkum: onbekend

Huishoudelijke ondersteuning wordt in deze gemeente nog steeds geregeld via maatwerkvoorzieningen, waarbij in uren wordt geïndiceerd. Omdat geen indicatieprotocol vindbaar is, is deze opgevraagd bij de gemeente. Deze wil de gemeente niet afstaan en ons wordt door de gemeente geadviseerd om een WOB-verzoek in te dienen. 

Conclusie Renkum: er is onvoldoende informatie om een definitief oordeel te geven over het beleid van deze gemeente.

Kies een andere gemeente>>

Rheden en Rozendaal: voldoen NIET

Op de website van de gemeente Rheden wordt beschreven hoe de huishoudelijke verzorging is ingericht: 

Is er toch (professionele) hulp nodig, dan kijkt de consulent met u naar een algemene voorziening of maatwerk oplossing. Afhankelijk van uw inkomen, betaalt u de kosten (deels) zelf.

Huishoudelijke hulp met toeslag (HHT)
Bij de algemene voorziening Huishoudelijke Hulp met Toeslag (HHT) regelt u zelf uw hulp bij het huishouden. Dat doet u met één van thuiszorgorganisaties waar wij afspraken mee hebben gemaakt.
Wanneer u behoort tot de doelgroep van de Wmo dan kunt u in aanmerking komen voor een algemene tegemoetkoming in de kosten van € 10,00. Heeft u een laag inkomen? Dan is het mogelijk dat u in aanmerking komt voor een extra tegemoetkoming.

Maatwerk ondersteuning
Gaat uw hulpvraag verder dan huishoudelijke hulp? Bijvoorbeeld omdat u ook ondersteuning nodig heeft in de vorm van begeleiding of persoonlijke verzorging. Dan kunt u in aanmerking komen voor de Maatwerkvoorziening Dagelijkse Ondersteuning.

Enkel het geven van een korting op de hulp via de HHT-gelden kan niet gekwalificeerd worden als een algemene voorziening en de voorziening voldoet hoogstwaarschijnlijk niet aan de eisen die de CRvB daaraan stelt. Verder zullen de kosten voor veel hulpbehoevenden aanzienlijk hoger uitvallen dan zij zouden betalen aan het CAK aan de hand van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Ook de minima zal, zelfs als zij per uur slechts €2,85 betalen, bij ruime indicaties fors duurder uitzien ten opzichte van de CAK-bijdrage die rond de €18,00 zou bedragen. Al met al wordt onvoldoende maatwerk geleverd.

Conclusie Rheden en Rozendaal: de zogenaamde algemene voorziening, namelijk korting geven voor de particuliere markt, is niet te kwalificeren als een algemene voorziening dan wel zal deze vaak als niet passend beoordeeld moeten worden, gelet op de financiële situatie van een cliënt. Het bestaan van een eventuele korting op de hulp doet hier niets aan af. Huishoudelijke verzorging wel of niet volledig vergoeden op grond van het inkomen en vermogen is het hanteren van een ongeoorloofde inkomenstoets.

Kies een andere gemeente>>

Rijnwaarden: voldoet NIET

De gemeente Rijnwaarden verleent de huishoudelijke verzorging middels maatwerkvoorzieningen. Daarbij wordt geïndiceerd in uren. De website laat echter wel iets opmerkelijks zien: de hulp zou voor 75 jaar en ouder zijn.  Hieruit valt impliciet af te leiden dat mensen jongen dan 75 jaar geen ondersteuning kunnen krijgen. Dit lijkt de onderzoeker niet juist en de onderzoeker gaat er dan ook vanuit dat de voorlichting niet goed is en dat huishoudelijke verzorging wordt aangeboden aan een ieder met beperkingen die voldoet aan de vereisten van artikel 2.3.5 lid 3 Wmo 2015. Qua normtijden wordt aansluiting gezocht bij het MO-protocol, behalve als het gaat om de normtijden voor het zware werk:  


In sommige gevallen pakken de afwijkende tijden positief uit voor een cliënt; in sommige gevallen negatief (in het bijzonder bij een meerpersoonshuishouden in een één- of tweekamerwoning. Wanneer sprake is van grote woningen (3 of meer kamers) pakken de normtijden, ongeacht type huishouden, positief uit voor de cliënt. 

Conclusie Rijnwaarden: het beleid is conform de Wmo 2015, met als kanttekening dat de normtijden voor het zware werk bij kleine woningen voor een meerpersoonshuishouden wellicht onvoldoende zijn.

Kies een andere gemeente>>

Scherpenzeel: voldoet NIET

Deze gemeente biedt huishoudelijke verzorging voor hh1 en hh2 cliënten aan als maatwerkvoorziening, waarbij hh2 eventueel wordt gekoppeld aan individuele begeleiding. Het indiceren geschiedt in uren, waarbij gebruik wordt gemaakt van een eigen protocol. De onderzoeker constateert dat de normtijden vergaand afwijken van de normtijden uit het CIZ-protocol, zonder dat duidelijk wordt gemaakt waar de lagere normtijden op zijn gebaseerd.  De normtijden zijn voor sommige taken zelfs gehalveerd.  Ook maakt de wasverzorging niet langer deel uit van een indicatie (sinds 1 januari 2016), aangezien dit middels een algemene voorziening aangeboden zou worden. Afgevraagd kan worden of de algemene voorziening voldoet aan de eisen die de CRvB daaraan stelt en of de algemene voorziening adequaat is voor de cliënten, waarbij ook rekening gehouden moet worden met het inkomen van een cliënt. 

Conclusie Scherpenzeel: de gehanteerde normtijden zijn in strijd met de Wmo 2015 en de jurisprudentie. Tevens is niet toelaatbaar dat de verzorging van de was in zijn algemeenheid uit de maatwerkvoorziening wordt geknipt en dat deze wordt aangeboden middels een algemene voorziening. Het uitgangspunt is maatwerk en als de algemene voorziening niet adequaat is, moet tijd voor de verzorging van de was worden geïndiceerd.

Kies een andere gemeente>>

Voorst: voldoet NIET

De gemeente Voorst heeft besloten om de bezuinigingen op de huishoudelijke verzorging op te vangen door de cliënten te korten op de hulpomvang. Een ieder moest namelijk 1/3 van de hulp inleveren:  

“De gemeente Voorst krijgt over 2015 en 2016 zo’n 40% minder geld van het Rijk voor huishoudelijke hulp dan in 2014. Een enorme bezuinigingsopgave. Vanaf 1 januari 2015 zijn de uren van bestaande indicaties met 1/3 verminderd. Het grootste deel, namelijk 2/3, is behouden gebleven. In december 2014 heeft iedereen met een indicatie voor huishoudelijke hulp die doorliep in het nieuwe jaar een beschikking gekregen met het precieze aantal uren, en het aanbod om met de ‘Huishoudelijke hulp toelage’ tegen een gereduceerd tarief van 5,00 euro maximaal 1 uur per week bij te kopen bij de zorgleverancier.”

Het moge duidelijk zijn dat deze manier van werken niet goed te keuren is, daar de Wmo 2015 expliciet uitgaat van het leveren van maatwerk. Daarnaast wordt door deze werkwijze afgeweken van het CIZ-protocol en de gemeente moet dan ook de verlaagde indicaties aan de hand van objectieve normen motiveren. Een objectieve onderbouwing van verlaagde normtijden kon de onderzoeker niet vinden.

Conclusie Voorst: een generieke korting op de omvang van de indicaties doorvoeren is in strijd met het uitgangspunt van het leveren van maatwerk conform de Wmo 2015. De verlaagde normtijden zullen waarschijnlijk niet standhouden. Alleen als blijkt dat de nieuwe normtijden tot stand zijn gekomen na goed, objectief onderzoek, uitgevoerd door derden die geen belang hebben bij de uitkomst van het onderzoek hebben, zal het protocol wellicht standhouden. Dit is vooralsnog een onwaarschijnlijke aanname.

Kies een andere gemeente>>

Wageningen: voldoet NIET

De website van de gemeente noemt niets over hoe de huishoudelijke verzorging is ingericht. De verordening geeft wel duidelijkheid: hh1 is een algemeen gebruikelijke voorziening:  

“In de kaders voor de verordeningen (vastgesteld door de gemeenteraad op 7 juli), is besloten dat de hulp bij huishouden 2 (hbh2) intact blijft als een maatwerkvoorziening, voor de niet-zelfredzame inwoner. Bij hbh2 wordt, naast het schoonmaken, ook ondersteuning gegeven bij de regie van het huishouden. Voor de hulp bij huishouden 1 is besloten deze voorziening algemeen gebruikelijk te beschouwen die door de vrije markt wordt opgepakt. Inwoners die financieel niet zelfredzaam zijn, krijgen op dit gebied ondersteuning vanuit de gemeente via de individuele bijzondere bijstand als de noodzaak aangetoond is.”

Voor de minima wordt een vergoeding toegekend via de Participatiewet in de vorm van bijzondere bijstand. Deze constructie is reeds meerdere keren afgekeurd in de jurisprudentie. Het is niet toegestaan om op grond van het inkomen en vermogen een voorziening te weigeren, maar dat is precies wat deze gemeente doet. Immers, een ieder boven de inkomens- en vermogensgrenzen van de Participatiewet moet hh1 zelf betalen. 

Conclusie Wageningen: de constructie via de bijzondere bijstand is niet toegestaan gelet op de uitspraak van de rechtbank Gelderland, 17 december 2015 en de uitspraken van de CRvB. Hh1 is niet zonder meer algemeen gebruikelijk. Het beleid van deze gemeente kan niet standhouden.

Kies een andere gemeente>>

Westervoort: onbekend

De website van deze gemeente geeft geen informatie over de huishoudelijke verzorging. Ook zijn op de website geen beleidstukken te vinden noch op de website van de overheid, behalve de verordening. De verordening noemt echter niets concreets. Vanwege het gebrek aan informatie hebben heeft de onderzoeker de gemeente enkele vragen voorgelegd. De gemeente heeft echter niet gereageerd.

Conclusie Westervoort: er is onvoldoende informatie om een definitief oordeel te geven over het beleid van deze gemeente.

Kies een andere gemeente>>

Wijchen: voldoet NIET

De website van de gemeente geeft aan dat hulp bij het huishouden via de gemeente ontvangen kan worden, waarbij opgemerkt wordt dat de wasverzorging niet langer deel uitmaakt van een indicatie.  Verder is weinig informatie over het huidige beleid te vinden, hetgeen voor ons reden is om de beoordeling van het beleid te laten plaatsvinden op grond van de beleidsregel uit 2012. Hieruit blijkt dat de gemeente afwijkende normtijden hanteert ten opzichte van het CIZ-protocol.  

Conclusie Wijchen: de gehanteerde normtijden zijn in strijd met de Wmo 2015 en de jurisprudentie. Tevens acht de onderzoeker het niet toelaatbaar dat de verzorging van de was in zijn algemeenheid uit de maatwerkvoorziening wordt geknipt en dat deze wordt aangeboden middels een algemene voorziening. Het uitgangspunt is maatwerk en als de algemene voorziening (of algemeen gebruikelijke voorziening)  niet adequaat is, moet tijd voor de verzorging van de was worden geïndiceerd.

Kies een andere gemeente>>

Winterswijk: voldoet WEL

De gemeente biedt de huishoudelijke verzorging aan middels maatwerkvoorzieningen. Wel wordt streng gekeken naar wat het netwerk en eigen mogelijkheden eventueel kunnen betekenen.  De gemeente hanteert een eigen protocol bij het  bepalen van de omvang van de indicatie (in uren en minuten): 

“Voor het bepalen van het aantal uren/minuten huishoudelijke hulp wordt gebruik gemaakt van het protocol Huishoudelijke hulp Winterswijk. Zo wordt bij het bepalen van de omvang van het aantal uren HH uitgegaan van een woning op het niveau sociale woningbouw.”

Het gehanteerde protocol sluit aan bij de normtijden van het CIZ.  

Conclusie Winterswijk: het beleid is conform de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

Zevenaar: voldoet NIET

De website noemt niets over eventuele huishoudelijke verzorging, behalve dat mantelzorgers gebruik kunnen maken van de HHT-vouchers. De gemeente Zevenaar indiceert in uren en verstrekt de voorziening middels een maatwerkvoorziening. Dit blijkt uit de beleidsregels.  De gehanteerde normtijden zijn identiek aan die van de gemeente Rijnwaarden: in sommige gevallen pakken de afwijkende tijden positief uit voor een cliënt; in sommige gevallen negatief (in het bijzonder bij een meerpersoonshuishouden in een één- of tweekamerwoning. Wanneer sprake is van grote woningen (3 of meer kamers) pakken de normtijden, ongeacht type huishouden, positief uit voor de cliënt. 

Conclusie Zevenaar: het beleid is conform de Wmo 2015, met als kanttekening dat de normtijden voor het zware werk bij kleine woningen voor een meerpersoonshuishouden wellicht onvoldoende zijn.

Kies een andere gemeente>>

Zutphen: voldoet NIET

Uit de informatie van de website kan worden opgemaakt dat wordt gewerkt met maatwerkvoorzieningen en indiceren in uren.  Een blik op de normtijden uit 2012 maakt duidelijk dat wordt gewerkt met verlaagde normtijden, zonder dat duidelijk is waar de verlaagde normtijden op zijn gebaseerd.  De normtijden wijken af voor zowel het lichte als zware werk en het verschil is vrij fors. Wellicht dat met de inwerkingtreding van de Wmo 2015 een nieuw protocol wordt gehanteerd, maar het lijkt ons uiterst onwaarschijnlijk dat de normtijden sindsdien zijn verhoogd.

Conclusie Zutphen: de verlaagde normtijden zullen waarschijnlijk niet standhouden. Alleen als blijkt dat de nieuwe normtijden tot stand zijn gekomen na goed, objectief onderzoek, uitgevoerd door derden die geen belang hebben bij de uitkomst van het onderzoek hebben, zal het protocol wellicht standhouden. Dit is vooralsnog een onwaarschijnlijke aanname.

Kies een andere gemeente>>