Drenthe

Aa en Hunze: voldoet NIET

Gemeente Aa en Hunze was wellicht voor een lange tijd onbekend bij veel Nederlanders, maar op 18 mei 2016 kwam daar verandering in. In ieder geval wat betreft de mensen die de ontwikkelingen in de zorg volgen. Op die dag deed de Centrale Raad van Beroep een uitspraak over het beleid van de gemeente Aa en Hunze, citaat:  

“Voor de Wmo-voorziening wordt haar een eigen bijdrage van € 19,40 per vier weken in rekening gebracht. De algemene voorziening moet zij echter bij de zorgaanbieder afnemen tegen een uurtarief van € 21,23. Na aftrek van de HHT-toelage resteert € 11,23 per uur. Daarmee komen de kosten voor twee uur huishoudelijke hulp per week via de algemene voorziening uit op € 89,84 per vier weken. Een verschil van € 70,44 per vier weken.

Vaststaat dat betrokkene vanwege haar beperkingen voor haar zelfredzaamheid is aangewezen op maatschappelijke ondersteuning in de vorm van twee uur per week huishoudelijke hulp 1. Betrokkene is niet in staat op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit haar sociale netwerk deze beperkingen te verminderen of weg te nemen. Uit wat hiervoor is overwogen, is gebleken dat appellant geen algemene voorziening in de zin van de Wmo 2015 in het leven heeft geroepen, zodat hij betrokkene daar niet naar kan verwijzen. Dit betekent dat bij de huidige stand van zaken van regelgeving en beleid in de gemeente Aa en Hunze, alleen een maatwerkvoorziening een passende bijdrage kan leveren aan het realiseren van een situatie waarin betrokkene in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven. Er bestaat daarom aanleiding te bepalen dat de huishoudelijke hulp 1 voor twee uur per week vanaf 1 augustus 2015 dient te worden gecontinueerd tot 20 december 2017, zijnde de datum waarop de eerdere toekenning zou aflopen.”

Het beleid was zo vormgegeven dat cliënten zelf de huishoudelijke hulp op de particuliere markt moesten inkopen, tegen kostprijs. Middels de vouchers was eventueel een korting op de prijs te realiseren, maar alsnog moest ongeveer €11,00 per uur worden betaald door de cliënt. De CRvB oordeelde dat dit beleid niet kan, omdat de hh1 een Wmo-voorziening is en verwijzen naar de particuliere markt derhalve niet kan. De particuliere markt is ook geen algemene voorziening, oordeelt de CRvB. 

Conclusie Aa en Hunze: het beleid is in strijd met de wet en naar aanleiding van de uitspraak van de CRvB zal het beleid hoogstwaarschijnlijk worden gewijzigd. 

Kies een andere gemeente>>

Assen: voldoet NIET

De website van de gemeente Assen geeft het volgende in duidelijke taal weer: 

“Om de overgang voor inwoners met een inkomen hoger dan 120% van de bijstandsnorm geleidelijk te laten verlopen, is besloten een financiële toelage te verstrekken op het uurtarief voor schoonmaak. Het gaat om een toelage van €10,- per uur, voor maximaal 3 uur in de week. Hierbij geldt dat de eigen bijdrage vervalt.
Deze regeling geldt voor 2015 en 2016 alleen als u gebruik maakt van een van onze gecontracteerde zorgaanbieders. Een overzicht van leveranciers vindt u op onze website. Deze vergoeding geldt alleen voor inkomens die boven de 120% van de bijstandsnorm zitten. Ligt uw inkomen onder de 120% van de voor u geldende bijstandsnorm dan komt u mogelijk in aanmerking voor volledige vergoeding. De zorgaanbieder kan u helpen bij het aanvragen hiervan.“

Daarnaast zegt de website het volgende: 

“De gemeente biedt uitgebreide hulp aan als maatwerk. Deze hulp is alleen bedoeld voor mensen die zelf hun huishouden niet meer kunnen organiseren. Bijvoorbeeld vanwege psychische klachten zoals dementie of een verstandelijke beperking.”
Het beleid maakt een onderscheid tussen hh1 en hh2: hh2 wordt nog wel middels de maatwerkvoorziening vergoed, maar hh1 valt kennelijk niet onder de maatwerkvoorziening. Dit beleid is door o.a. de rechtbank Gelderland meerdere malen afgewezen.  

Verder noemt de site het volgende:

“U kunt ook gebruik maken van de Algemeen Voorziening Schoonmaak (AVS). De gemeente heeft met een aantal aanbieders een contract afgesloten, zie bijgevoegd overzicht. U kunt zelf contact met hen opnemen. Komt u hiervoor in aanmerking, dan krijgt u per gewerkt uur tien euro vergoed.”

De HHT-gelden worden kennelijk ingezet om alsnog hulp aan te bieden aan de doelgroep hh1. De eigen bijdrage wordt daarmee voor de cliënten aanzienlijk hoger dan de CAK-bijdrage, uitgezonderd een kleine groep cliënten met een hoog inkomen en vermogen. Zij zijn wellicht goedkoper af met deze algemene voorziening schoonmaak. 

Het recht op een vergoeding van huishoudelijke hulp wordt kennelijk gekoppeld aan het inkomen en vermogen van een persoon, namelijk 120% van de bijstandsnorm. Dit is onaanvaardbaar, gelet op standaard jurisprudentie en de eigen bijdragen regeling van het CAK (Uitvoeringsbesluit Wmo 2015).

Conclusie Assen: de gekozen werkwijze is juridisch niet houdbaar. Inkomens- en vermogensgrenzen accepteren is niet toelaatbaar, net als het afschaffen van hh1. 

Kies een andere gemeente>>

Borger-Odoorn: voldoet NIET

Constatering: de website informeert slecht over de huidige stand van zaken met betrekking tot de huishoudelijke verzorging. De Nadere regels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulpgemeente Borger-Odoorn 2015 vastgesteld geven het volgende weer:

Per 1 januari 2015 is schoonmaakondersteuning een algemene voorziening. Voor cliënten aan wie op basis van de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Borger-Odoorn 2013 of voorafgaande regelgeving individuele voorziening schoonmaakondersteuning (huishoudelijke hulp niveau 1) is toegekend, geldt een overgangsregeling. Tot en met 19 april 2015 houden zij recht op de individuele voorziening en betalen zij een inkomensafhankelijke eigen bijdrage die door het CAK wordt geïnd. Daarna krijgen deze cliënten toegang tot de algemene voorziening schoonmaakondersteuning en betalen zij een niet inkomensafhankelijke eigen bijdrage. 
Cliënten met een inkomen per maand van maximaal € 180,- plus de voor hen geldende bijstandsnorm, kunnen een tegemoetkoming aanvragen voor de eigen bijdrage. Bij toekenning wordt de eigen bijdrage volledig vergoed. 
De hulp wijzigt inhoudelijk niet. Daarom vindt geen heronderzoek plaats. Cliënten krijgen wel de mogelijkheid om kenbaar te maken dat zij de algemene voorziening schoonmaakondersteuning niet passend vinden in hun situatie. Dan wordt alsnog een gesprek gepland en vindt onderzoek plaats.

Uit de stukken wordt duidelijk dat hh2 nog geregeld wordt via een maatwerkvoorziening, maar dat de hh1 wordt geregeld middels een algemene voorziening. Een ieder wordt naar deze algemene voorziening doorgestuurd, zonder voorafgaand onderzoek. Deze werkwijze is ontoelaatbaar. Ook bij een algemene voorziening moet het college kijken of de voorziening passend is, ook financieel gezien. Daarnaast wordt een harde norm gehanteerd met betrekking een eventuele vergoeding voor de hh1, namelijk €180,00 + bijstandsnorm. Inkomenspolitiek in het kader van de Wmo 2015 is uitdrukkelijk niet toegestaan. Het college doorkruist hiermee het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 

De algemene voorziening lijkt te zijn het inkopen van uren middels de HHT-gelden. Afgevraagd kan worden of dit een algemene voorziening is. Los daarvan, uit niets blijkt dat wordt onderzocht of de algemene voorziening financieel passend is. Ook blijkt uit niets dat rekening is gehouden met artikel 1 Eerste Protocol EVRM, ten tijde van de transitie. In de zaak tegen de gemeente Aa en Hunze werd een dergelijke constructie via de HHT-gelden afgewezen. 

Conclusie Borger-Odoorn: het beleid is in strijd met de Wmo 2015. Inkomenspolitiek in het kader van de Wmo 2015 is niet toegestaan. De algemene voorziening zal te hoge kosten voor de cliënt met zich meebrengen, waardoor alsnog maatwerkvoorzieningen afgegeven moeten worden. De algemene voorziening is pas een algemene voorziening als is voldaan aan de door de CRvB gestelde eisen in de zaak tegen Aa en Hunze.

Kies een andere gemeente>>

Coevorden: voldoet NIET

De website van de gemeente Coevorden geeft aan dat een onderscheid wordt gemaakt tussen hh1 en hh2. Citaat: 

“In Coevorden kennen we twee vormen van ondersteuning voor een schoon en leefbaar huis; schoonmaakhulp en hulp bij het huishouden. Hulp bij het huishouden wordt ingezet als inwoners niet meer zelf de regie kunnen voeren over hun huishouding. Dit betekent dat iemand niet meer goed aan kan geven wat er schoongemaakt moet worden. Deze voorziening blijft in 2015 bestaan. 
Schoonmaakhulp blijft ook bestaan, maar hiervoor betalen inwoners met ingang van 2015 een eigen bijdrage van vijf euro per uur. Inwoners met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum hoeven geen eigen bijdrage te betalen. “

Het Besluit maatschappelijke ondersteuning Coevorden 2015 bevestigt dit:

“Artikel 3 Bijdrage voor algemene voorzieningen
1. De cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor de algemene voorziening schoonmaakhulp. De bijdrage bedraagt € 5,00 per geleverd uur. 
2. Inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk minimumloon ontvangen een korting op de eigen bijdrage van 100%.“

Boven een inkomen van 120% van het sociaal minimum moet iemand dus €5,00 per uur betalen. Dit kan veel kosten met zich meebrengen, al helemaal bij de wat ruimere indicaties. Een onderzoek naar de eventuele draagkracht vindt niet plaats, terwijl het college moet onderzoeken of een algemene voorziening daadwerkelijk passend is, ook financieel. Tegelijkertijd mag het college niet de inkomens- en vermogensgegevens opvragen, aangezien het niet gaat om de Participatiewet. Het is dan ook uiterst moeilijk voor het college om überhaupt te onderzoeken of de algemene voorziening passend is. Feit is dat met een grens van 120% veel mensen net buiten de boot vallen en geconfronteerd worden met aanzienlijk hogere kosten ten opzichte van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 (via het CAK). 

De Wmo 2015 staat niet toe dat inkomenspolitiek wordt gevoerd. Niet is bekend of de algemene voorziening te kwalificeren is als een algemene voorziening. Daarvoor is in ieder geval noodzakelijk dat contracten zijn afgesloten met de zorgaanbieders, betreffende de concrete algemene voorziening. De eigen bijdrage is wel correct via de verordening geregeld. Onbekend is hoeveel uur hulp ingekocht kan worden middels de algemene voorziening. Als hier een maximum aan is gesteld, zullen veel cliënten te weinig hulp kunnen inkopen tegen een relatief laag bedrag. 

Het urenaantal wordt kennelijk vastgesteld door de zorgaanbieder. Strikt gezien wordt niet in uren gewerkt, maar met resultaten. Desondanks moet de cliënt per uur afrekenen. Het college is dan ook tegenstrijdig hierin. Citaat uit de beleidsregels: 

Sinds 2013 kent de gemeente Coevorden de voorziening algemene schoonmaakhulp. Deze voorziening is voor inwoners die zelf de regie kunnen voeren over hun huishouden. Wanneer klanten in aanmerking komen schoonmaakhulp kijkt de zorgaanbieder hoeveel uur nodig is om een schoon en leefbaar huis op te leveren. Er wordt door het college geen uren meer geïndiceerd, alleen een ondersteuningsbehoefte. De indicatie wordt dus bepaald door het college, de zorgaanbieder stelt de benodigde uren vast. 

Inwoners die zijn aangewezen op een voorziening als schoonmaakhulp en niet over de middelen beschikken om deze voorziening te betalen (minder inkomsten hebben dan 120 procent van het voor hen geldende bijstandsnorm), hoeven geen eigen bijdrage voor de voorziening te betalen. Inwoners die boven de 120 procent van het sociaal minimum zitten, betalen voor de voorziening een vaste eigen bijdrage per uur (in 2015 bedraagt deze bijdrage 5 euro per uur).

Het is opmerkelijk dat de zorgaanbieder de omvang van de hulp bepaalt. Het college gaat over het vaststellen van de rechten en plichten van de cliënt en kan dit derhalve niet overlaten aan de zorgaanbieder.

Conclusie Coevorden: hoewel een eigen bijdrage van €5,00 per uur gunstig kan zijn voor een deel van de cliënten en het kwijtschelden van de eigen bijdrage voor de minima ook gunstig is, zullen alsnog veel cliënten benadeeld worden. Een grote groep kan immers geen aanspraak maken op de kortingsregeling én tevens hebben zij niet de financiële middelen om zelf de hulp bij het huishouden in te kopen, zeker niet als de noodzakelijke omvang van de hulp groot is. De gemeente Coevorden lijkt dan ook onvoldoende maatwerk te leveren. Ook is het niet toegestaan dat de zorgaanbieder de omvang van de hulp bepaalt.

Kies een andere gemeente>>

Emmen: voldoet NIET

Constatering: de informatievoorziening op de website is zeer slecht te noemen. De wasverzorging is in ieder geval niet langer standaard onderdeel van de maatwerkvoorziening, aangezien de was- en strijkservice in principe als voorliggend wordt gezien. Dit zou een algemene voorziening zijn. Het vermoeden bestaat dat sprake is van resultaatgericht indiceren, maar de beleidsregels en de informatie op de website noemen niets concreets. Om die reden is contact opgenomen met de gemeente. Van de gemeente hebben wij geen reactie ontvangen. Bekend is dat de gemeente indiceert in resultaten. 

Conclusie Emmen: resultaatgericht indiceren is gelet op de uitspraken van de CRvB slechts toegestaan indien de taken, de frequentie en de tijdsnormering onderdeel zijn van het indicatiebesluit. Daarbij dient opgemerkt te worden dat het college de rechten en plichten van de cliënt dient te bepalen. Het beleid is dan ook in strijd met de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

Hoogeveen: voldoet NIET

Hoewel de website niets concreets noemt, behalve over het inkopen van extra uren met de HHT-gelden, noemen de beleidsregels het volgende:

“Thuishulp Basis: Het gaat in principe om het zwaar huishoudelijk werk, bijvoorbeeld om het schoonmaken van het sanitair, het schoonmaken van de vloeren van de keuken, huiskamer en 1 slaapkamer en het bed verschonen. Standaard indiceren we hier 1,5 uur per week voor een eenpersoonshuishouden en 2,0 uur voor een meerpersoonshuishouden. Daarnaast 40 minuten per 4 weken voor extra taken als signalering, sociaal contact en extra werkzaamheden. 

Voor de taken die wegvallen, bijvoorbeeld het lichte huishoudelijke werk, maaltijdvoorzieningen, het doen van de was en het schoonmaken van meerdere slaapkamers doen we een groter beroep op de mogelijkheden van mensen zelf of het sociaal netwerk en de particuliere markt. Maatwerk blijft vanzelfsprekend het uitgangspunt.
 
Thuishulp Plus. Bij deze voorziening ligt de nadruk op de regievoering en niet op het schoonmaken zelf. We gaan daarbij uit van het huidige gemiddeld aantal uren. We zoeken daarbij nadrukkelijk een verbinding met de ook naar de gemeente over te hevelen functie begeleiding.”

Veel werkzaamheden zijn uit de maatwerkvoorziening gehaald en komen op het bordje van de eventuele mantelzorgers te liggen dan wel dient de hulp zelf op de particuliere markt te worden ingekocht. 

Conclusie Hoogeveen: in tegenstelling tot wat de gemeente Hoogeveen beweert, heeft de wetgever geen verandering beoogd met betrekking tot de omvang van de te verlenen ondersteuning. Het beleid neemt de compensatieplicht dan ook onvoldoende in acht. Tevens is sprake van stapeling van kosten, hetgeen voorkomen moet worden.

Kies een andere gemeente>>

Meppel: voldoet NIET

De gemeente Meppel verleent huishoudelijke hulp via een maatwerkvoorziening. De normtijden zijn wel aangepast: 

Deze normtijden vallen vaak lager uit dan de tijden van het CIZ-protocol. Afwijking van het protocol is toegestaan, maar dan moet wel goed, objectief onderzoek zijn verricht naar de nieuwe normtijden, uitgevoerd door derden die geen belang hebben bij de uitkomst van het onderzoek. De verschillen met betrekking tot veelvoorkomende situaties: 

Eenpersoonshuishouden wonende in een woning met 3 of meer kamers, licht, zwaar en de was worden overgenomen: 
CIZ protocol  5 uur per week. 
Meppel protocol  4 uur en 15 minuten

Meerpersoonshuishouden wonende in een woning met 2 kamers, licht, zwaar en de was worden overgenomen: 
CIZ protocol  6 uur per week
Meppel protocol  4 uur en afgerond 10 minuten

Er kunnen dus grote verschillen ontstaan tussen beide protocollen. Daarnaast rept het Meppel protocol niet over extra te indiceren tijd vanwege bijvoorbeeld longaandoeningen, hoge vervuilingsgraad en incontinentie. 

Conclusie Meppel: de verlaagde normtijden zullen waarschijnlijk niet standhouden. Alleen als blijkt dat de nieuwe normtijden tot stand zijn gekomen na goed, objectief onderzoek, uitgevoerd door derden die geen belang hebben bij de uitkomst van het onderzoek hebben, zal het protocol wellicht standhouden. Dit is vooralsnog een onwaarschijnlijke aanname. 

Kies een andere gemeente>>

Midden-Drenthe: voldoet NIET

De website van de gemeente Midden-Drenthe geeft helaas weinig concrete informatie. Eén van de beleidsstukken geeft wel helderheid:  

“Voor het vaststellen van de indicatie voor HH maken we op dit moment gebruik van het protocol gebruikelijke zorg en het protocol huishoudelijke zorg. Deze protocollen zijn ontleend aan de protocollen die het CIZ gebruikte voor dat de huishoudelijke hulp naar de gemeente ging. Deze protocollen willen we nu blijven gebruiken. Het eindresultaat van de berekening willen we in tijd vermenigvuldigen met 85% voor HH1 en 95% voor HH2. Op deze manier verwachten we de HH in 2015 uit te voeren binnen het beschikbare budget.”

Een generieke korting van 15% op de hh1 en 5% op de hh2 toepassen is niet toegestaan. Gelet op vaste jurisprudentie moet aan de hand van onafhankelijk onderzoek duidelijk zijn, waarom wordt afgeweken van de normtijden van het CIZ. 
Wel is aangekondigd dat de hh1 vanaf 2017 wellicht een algemene voorziening wordt. 

Conclusie Midden-Drenthe: het beleid is in strijd met de wet, maar de kortingen op de omvang van de hulp zijn relatief gering. Vooralsnog lijkt de gemeente, ondanks de strijdigheid met de wet, de huishoudelijke hulp relatief goed te hebben ingericht. Zorg is wel de aankondiging dat de hh1 misschien een algemene voorziening wordt.

Kies een andere gemeente>>

Noordenveld: voldoet NIET

De gemeente stelt dat sprake is van een algemene voorziening. Dit is feitelijk onjuist, daar de cliënt gebruik moet maken van de particuliere markt. Huishoudelijke hulp wordt kennelijk algemeen gebruikelijk geacht. De website van de gemeente noemt het volgende: 

“Hoe regel ik huishoudelijke hulp?
Dit moet u zelf regelen door contact op te nemen met een aanbieder. U kunt zelf een keus maken uit diverse aanbieders. Sinds 1 januari 2015 regelt de gemeente geen huishoudelijke hulp meer voor u. Wat kost huishoudelijke hulp? Het uurtarief is niet overal gelijk, het verschilt per aanbieder. Welke kosten kan ik vergoed krijgen? U kunt een vergoeding aanvragen als u een beperkt financieel vermogen heeft en een inkomen tot maximaal 150% van de bijstandsnorm. Zie ook deze tabel.”

Het afschaffen van de huishoudelijke verzorging is niet toegestaan, gelet op inmiddels standaard jurisprudentie. Een inkomenstoets aan de hand van de Participatiewet c.q. vergoeding via de bijzondere bijstand is niet toegestaan.

De Uitvoeringsregels noemen het volgende:

“Regeling tegemoetkoming kosten algemene voorziening ‘schoonmaken’ 
In de Inleiding wordt ‘schoonmaken’ beschreven als algemene voorziening. Uitgangspunt van deze algemene voorziening is dat de kosten volledig worden doorberekend aan de ‘afnemer’. Niet iedereen zal deze kosten zelf (volledig) kunnen dragen terwijl men mogelijk wel afhankelijk is van deze algemene voorziening. Daarom wordt een regeling getroffen, die deze doelgroep volledig of gedeeltelijk tegemoet komt in de kosten van de algemene voorziening.“

De algemene voorziening waarover hier wordt gesproken is de particuliere markt. Conform de uitspraak tegen de gemeente Aa en Hunze kan dit beleid niet standhouden. 

Conclusie Noordenveld: de algemene voorziening is niet te kwalificeren als een algemene voorziening. Hh1 afschaffen al dan niet met verwijzing naar de bijzondere bijstand is niet toegestaan.

Kies een andere gemeente>>

Tynaarlo: voldoet NIET

De website van de gemeente stuurt vrij snel door naar dit document:

Hieruit leidt de onderzoeker af dat de hh1 is geschrapt en dat alleen de minima voor een vergoeding in aanmerking komen op grond van de Participatiewet. Dit beleid sluit aan bij het beleid van in ieder geval Noordenveld. Het beleid is niet toegestaan. In een persbericht geeft de gemeente het volgende aan:

“De CRvB heeft uitspraken gedaan die ook gevolgen kunnen hebben voor andere gemeenten, waaronder Tynaarlo. Wij onderzoeken op dit moment wat de gevolgen kunnen zijn voor ons beleid op het gebied van hulp bij het huishouden. Zodra daar meer duidelijkheid over is, informeren wij onze inwoners hierover.”

Conclusie Tynaarlo: het is afwachten wat het eventuele nieuwe beleid wordt, maar vooralsnog is het beleid in strijd met de wet. Enkel doorverwijzen naar de Participatiewet c.q. bijzondere bijstand is onaanvaardbaar.

Kies een andere gemeente>>

Westerveld: voldoet NIET

De website van de gemeente verwijst vrij snel door naar de relevante beleidsstukken. Citaat uit de beleidsregels:

Dit roept vragen op. Betreft Ondersteuning Basis enkel problemen met betrekking tot de hygiëne of worden indien nodig alle zware en lichte werkzaamheden overgenomen alsmede de verzorging van de was? Deze vragen worden opgeroepen, omdat deze taken expliciet staan vermeld bij ondersteuning plus (hh2), terwijl ze niet zijn genoemd bij ondersteuning basis. Om meer duidelijkheid te krijgen over het beleid, is contact opgenomen met de gemeente. De gestelde vragen en gegeven antwoorden zijn als volgt:

Vraag 1: Is hh1 c.q. hh2 afgeschaft of wordt het nog vergoed volgens de Wmo 2015? Het wordt nog altijd vergoed (het heet bij ons nu ondersteuning basis en ondersteuning plus).
Vraag 2: Wordt er gewerkt met uren of wordt er gewerkt met resultaten (c.q. een schoon en leefbaar huis)? 
Er wordt met resultaten gewerkt.
Vraag 3: Wordt hulp verstrekt via een maatwerkvoorziening of via een algemene voorziening?
Via maatwerkvoorziening.
Vraag 4: Op welke wijze is de cliënt een eigen bijdrage verschuldigd? 
Via inning eigen bijdrage door CAK. Wij vragen de maximale eigen bijdrage.
Vraag 5: Hoe wordt de omvang van de hulp vastgesteld? (bijv. CIZ protocol, bepaling door zorgaanbieder aan de hand van een ondersteuningsplan, etc.) 
Omvang wordt door zorgaanbieder bepaald aan de hand van de door de gemeente aangegeven ‘te behalen resultaten’. E.e.a. wordt vastgelegd in een ondersteuningsplan van de cliënt.

Hieruit kan worden afgeleid dat ook hh1 wordt vergoed, onder de noemer ondersteuning basis. Het indiceren geschiedt in resultaten.

Conclusie Westerveld: resultaatgericht indiceren is gelet op de uitspraak van de CRvB slechts toegestaan, indien de taken, de frequentie en de tijdsnormering onderdeel zijn van het indicatiebesluit. Daarbij dient opgemerkt te worden dat het college de rechten en plichten van de cliënt dient te bepalen. Het beleid is dan ook in strijd met de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>

De Wolden: voldoet WEL

De website geeft geen concrete informatie over de vraag of huishoudelijke hulp nog wel of niet wordt vergoed en in hoeverre. Een oud nieuwsbericht geeft het volgende weer:  

Op dit moment worden alle indicaties voor huishoudelijke hulp via de Wmo opnieuw bekeken. Hiervoor is de MO-zaak ingehuurd door de gemeente. Wmo consulenten van ‘de MO-zaak’ komen op huisbezoek bij alle mensen met een indicatie voor huishoudelijke hulp.

Op het moment dat er een nieuwe indicatie voor huishoudelijke hulp is afgegeven via de Wmo zijn er drie mogelijkheden:
• U krijgt minder of geen uren. Uw huidige indicatie wordt verlengd tot 1 oktober 2015 en daarna gaat het nieuwe aantal uren in. Als u geen uren meer krijgt, stopt de huishoudelijke hulp via de gemeente met ingang van die datum.
• Uw uren blijven ongewijzigd, deze indicatie is gelijk van kracht.
• U komt in aanmerking voor meer uren huishoudelijke hulp, deze indicatie is gelijke van kracht.

De MO-zaak indiceert doorgaans in uren, volgens hun protocol. Het protocol van de MO-zaak sluit aan bij het CIZ-protocol. Het beleid lijkt dan ook conform de Wmo 2015 te zijn. Ter verificatie is contact opgenomen met de gemeente. De gestelde vragen en gegeven antwoorden zijn als volgt:

Vraag 1: Is hh1 c.q. hh2 afgeschaft of wordt het nog vergoed volgens de Wmo 2015? 
Is niet afgeschaft. Vergoeden we nog via de Wmo.
Vraag 2: Wordt er gewerkt met uren of wordt er gewerkt met resultaten (c.q. een schoon en leefbaar huis)? 
We werken met uren.
Vraag 3: Wordt hulp verstrekt via een maatwerkvoorziening of via een algemene voorziening?
Via een maatwerkvoorziening.
Vraag 4: Op welke wijze is de cliënt een eigen bijdrage verschuldigd? 
Op de gebruikelijke wijze, via het CAK.
Vraag 5: Hoe wordt de omvang van de hulp vastgesteld? (bijv. CIZ protocol, bepaling door zorgaanbieder aan de hand van een ondersteuningsplan, etc.) 
Basis vormt het CIZ protocol. De zorgaanbieder is niet bepalend.

Conclusie De Wolden: het beleid is conform de Wmo 2015.

Kies een andere gemeente>>